Een op de acht werkende Nederlanders zou zijn salaris weleens deels in crypto willen ontvangen. Onder mannen ligt dat percentage nog hoger, bijna één op de zes. Dat blijkt uit onderzoek van Panelwizard onder ruim elfhonderd Nederlanders in loondienst. Het is een opvallend cijfer, want een salaris in Bitcoin of Ethereum klinkt futuristisch, maar de wet loopt hier flink achter op de wens.
Wat mag eigenlijk wel, wat mag niet, en waarom zou je het überhaupt willen? We zoeken het uit.
Wat het onderzoek laat zien
Het onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van cryptobeurs Toobit en laat een paar opvallende patronen zien. Niet alleen wil een op de acht Nederlanders het maandloon deels in crypto, ook bij een kerstbonus of dertiende maand vindt hetzelfde aandeel het een prima idee. Bijna dertig procent van alle ondervraagden verwacht bovendien dat het in de toekomst voor iedereen mogelijk wordt om een deel van het salaris in crypto te ontvangen.
Een recenter onderzoek van personeelsplatform Remote, uitgevoerd in juli 2026, komt op een iets voorzichtiger percentage van acht procent. Dat onderzoek plaatst het onderwerp wel in een bredere trend: veertig procent van de Nederlandse werknemers wil het liefst dezelfde dag nog worden uitbetaald, en veertien procent wil zelf kunnen bepalen wanneer het opgebouwde salaris wordt uitgekeerd. Crypto-salaris is in die zin geen op zichzelf staande wens, maar onderdeel van een grotere vraag naar flexibiliteit rond geld.
Mag je werkgever je uitbetalen in crypto
Het korte antwoord is ja, met een flinke maar. De wet schrijft voor dat het wettelijk minimumloon altijd giraal in euro's moet worden voldaan. Dat staat sinds 2016 vastgelegd in de Wet aanpak schijnconstructies, die artikel 7a aan de Wet minimumloon toevoegde. Je werkgever mag dus nooit het volledige minimumloon in crypto uitkeren, ook niet als je daar zelf om vraagt.
Alleen het deel van je salaris dat boven het minimumloon uitkomt, mag in beginsel in natura worden betaald, en cryptovaluta valt daaronder. Dat kan dus alleen in onderling overleg tussen werkgever en werknemer, en de wet geeft geen recht om dit te eisen. Er zijn in Nederland al werkgevers die dit toepassen, met cryptobeurs BTC Direct als bekend voorbeeld. Wil je meer weten over hoe grote partijen hier een verdienmodel van maken? Lees ook ons artikel over de crypto-producten die ABN AMRO nu aanbiedt, waaruit blijkt hoe snel banken meebewegen met deze vraag.
Wat crypto-salaris je fiscaal kost
Hier wringt de schoen voor veel mensen die enthousiast worden van het idee. De Belastingdienst ziet cryptovaluta die je als loon ontvangt simpelweg als loon in natura, net als een auto van de zaak of een fiets van het werk. Dat betekent dat het bedrag wordt omgerekend naar euro's op het moment dat je het ontvangt, en dat je daarover gewoon loonheffing betaalt. Een koersstijging na ontvangst levert je dus geen belastingvoordeel op ten opzichte van een salaris in euro's dat je zelf in crypto zou omzetten.
Sterker nog, het kan ingewikkelder worden dan een normaal salaris. Stijgt de waarde van je crypto-loon na uitbetaling, dan val je bij verkoop mogelijk ook nog onder de vermogensrendementsheffing in box 3. En omdat cryptobeurzen inmiddels verplicht zijn om transactiegegevens te melden bij de fiscus, wordt het steeds lastiger om hier losjes mee om te gaan. Hoe die meldplicht precies werkt, lees je in ons artikel over wat de Belastingdienst straks van je cryptobezit weet.
De risico's die niemand er meteen bij vertelt
Een salaris in crypto voelt voor sommigen als een slimme zet, vooral als je toch al in Bitcoin of Ethereum wilt beleggen. Maar het risico ligt niet alleen bij de werknemer. Daalt de koers van de ontvangen crypto flink na uitbetaling, dan kan een werknemer bij de werkgever alsnog de volledige geldwaarde van het loon terugvorderen, zeker als de werkgever onvoldoende heeft gewezen op de risico's. Arbeidsjuristen adviseren werkgevers daarom om het percentage van het salaris dat in crypto wordt uitbetaald te beperken, en dit nooit als verplichting op te leggen.
Voor jou als werknemer betekent dit vooral dat je goed moet nadenken voordat je hierom vraagt. Je koopt in feite een stuk beleggingsrisico terug in je maandinkomen, iets waar je normaal gesproken zelf de knop voor omzet via een indirecte belegging zoals een ETP. Het verschil is dat je bij een crypto-salaris geen keuzevrijheid meer hebt over het instapmoment, want dat bepaalt je werkgever.
Waarom dit onderwerp nu opeens leeft
De timing is niet toevallig. Nederlandse huishoudens en bedrijven bezaten eind 2025 samen zo'n 1,2 miljard euro aan cryptobeleggingen, tegenover slechts 81 miljoen euro eind 2020. Crypto is in vijf jaar tijd van nichehobby naar mainstream beleggingscategorie gegroeid, en dat vertaalt zich blijkbaar ook in de wens om er dichter bij te staan via het salaris. Tegelijk blijft meer dan de helft van de Nederlandse volwassenen om financiële redenen weg van crypto, vaak uit gebrek aan kennis of vanwege het risico.
Die twee groepen botsen precies op dit onderwerp. De een ziet een salaris in crypto als praktische manier om exposure op te bouwen zonder er zelf actief mee bezig te hoeven zijn. De ander ziet het als een onnodig risico bovenop een toch al onzeker inkomen. Beide kanten hebben een punt, en dat is precies waarom dit thema de komende jaren waarschijnlijk niet verdwijnt.
Dit is wat je checkt voordat je erom vraagt
Overweeg je zelf om je werkgever te polsen over een deel van je salaris in crypto? Zorg dan eerst dat je drie dingen op papier hebt staan: welk percentage van je salaris het betreft, op welk moment de waarde wordt vastgesteld voor de loonheffing, en wat er gebeurt als de koers na uitbetaling instort. Vraag ook expliciet na of je werkgever dit via een derde partij regelt of zelf de crypto aankoopt en overmaakt, want dat heeft gevolgen voor hoe snel en hoe zeker je het daadwerkelijk ontvangt.
En besef vooral dat een crypto-salaris geen fiscale sluiproute is. Je betaalt gewoon loonheffing over de waarde in euro's, precies zoals bij een gewoon salaris. Het enige dat verandert, is in welke vorm je je inkomen ontvangt, niet hoeveel de wet en de fiscus daarvan afromen.